Zo voelt jouw klant zich een ster

14 apr 2013

Categorie: Offerte

Je bent natuurlijk heel trots op jouw bedrijf. Dat wil je dan uiteraard ook graag laten zien in jouw offertes. Het gevaar is echter dat je jezelf een te prominente rol geeft in je voorstel. De klant herkent zichzelf en zijn vraag aan jou niet meer. Mijn advies is dan ook: zet jouw klant eens wat vaker centraal!

Zo zet jij je klant NIET centraal

  • Alleen maar schrijven wat jij wilt vertellen en vergeten wat jouw klant wil horen.
  • Jouw zinnen beginnen vaak met ‘we’, ík’ of jouw bedrijfsnaam en eigenlijk nooit met ‘u’ of de bedrijfsnaam van de klant.
  • Een opstel schrijven. Of nog erger: een stukje van de website van de klant kopiëren in je offerte. De klantvraag en zijn wensen of angsten vergeet je.
  • Je gebruikt vaktaal, omdat je als een expert wilt overkomen. Je neemt voor lief dat de klant je misschien niet begrijpt en zich niet aangesproken voelt.

Zo zet jij je klant WEL centraal

  • ‘Papegaai’ de klant, waardoor je in je offerte laat zien dat je goed geluisterd hebt. Je gebruikt een aantal letterlijke woorden van je klant uit het verkoopgesprek om zijn vraag te beschrijven.
  • Je gebruikt u-gerichte zinnen: ‘U gaf aan dat u op zoek bent naar… Daarnaast vertelde u dat u graag… Tot slot wilt u ook …’.
  • Knip- en plakwerk? Daar doe jij niet aan. Niet vanaf de website van de klant en ook niet vanuit andere offertes. Stel je voor dat je namelijk de klantnaam van een ander bedrijf per ongeluk laat staan. Dat overkomt jou niet.
  • Je schrijf helder in begrijpelijke taal van deze eeuw. Je sluit met jouw taalgebruik aan bij jouw lezer, zonder jouw identiteit te verliezen.

Lastig om de klantvraag centraal te stellen in je offerte?

Zorg voor een standaard structuur in je offerte. Eerder schreef ik over een handige structuur voor een offerte. Wil je weten of je jouw klant voldoende centraal zet?

Je leert het in mijn offertetrainingen